Havo – Vwo

Aan het einde van de 3e klas kiest de leerling zijn profiel. Dit profiel leidt op voor een bepaalde vervolgopleiding en/of beroep.
Er zijn vier profielen:
• cultuur en maatschappij (CM)
• economie en maatschappij (EM)
• natuur en gezondheid (NG)
• natuur en techniek (NT)
De bovenbouw Havo/Vwo wordt ook wel Tweede Fase genoemd.
Voor Havo is dat het 4e en 5e leerjaar en voor Vwo (atheneum /gymnasium) het 4e, 5e en het 6e leerjaar.

Verplicht voor alle leerlingen is een aantal algemeen vormende vakken en profielvakken met daarnaast een keuze uit één verplicht en één vrij keuzevak.

Verplichte (profiel)vakken CM EM NG NT
Nederlands x x x x
Engels x x x x
Frans/Duits (atheneum) x1 x x x
Griekse/Latijnse taal en cultuur (beide of één van de twee) (gymnasium) x x x x
maatschappijleer x x x x
geschiedenis x x
economie x
algemene natuurwetenschappen (vwo) x x x x
lichamelijke opvoeding x x x x
biologie x
wiskunde A x of B
wiskunde B of A x
wiskunde C (vwo) x
natuurkunde x
scheikunde x x
CKV (havo /atheneum) x x x x

1) Een moderne vreemde taal voor Havo is wel verplicht binnen het CM-profiel

Onze school biedt al deze vier profielen aan. Daarnaast heeft de school een aanbod van keuzevakken in het vrije deel.

Buiten de verplichte (profiel)vakken heeft onze school de volgende mogelijkheden2:

keuzevakken CM EM NG NT
aardrijkskunde x x x x
beeldende vorming x x x x
biologie x x verplicht x
BSM (Bewegen, Sport en Maatschappij) x x x x
economie verplicht x x
Informatica (havo) x x x x
maatschappijwetenschappen x x x x
Bedrijfseconomie (havo) x x
natuurkunde x verplicht
wiskunde A (havo) x verplicht keuze
Frans/Duits x x x x
Latijn (atheneum) x x x x

2  Er kan een extra vak in de vrije ruimte worden gekozen. Mits het rooster het toelaat wordt het ingeroosterd anders afspraken op maat.

Profielwerkstuk

In het examenjaar wordt het profielwerkstuk gemaakt. Leerlingen laten in dit afsluitende werkstuk  zien welke kennis en vaardigheden worden beheerst.

Maatschappelijke stage

Om de betrokkenheid van onze havo- en vwo-leerlingen bij de samenleving te vergroten, er een bijdrage aan te leveren en kennis te maken met vrijwilligerswerk en vrijwilligersorganisaties doen zij een maatschappelijke stage. Zij kunnen daarmee in de tweede klas starten en moeten de stage uiterlijk in het voorexamenjaar voltooien.

Enkele voorbeelden van maatschappelijke stages zijn:

  • helpen op een kinderboerderij
  • geven van sporttraining aan kinderen
  • organiseren van een gezellige middag voor ouderen
  • meedraaien in een dierenasiel
  • opzetten van een website voor een vrijwilligersorganisatie
  • helpen in een museum
  • ouderen leren omgaan met de computer of andere apparatuur
  • voorlezen tijdens naschoolse opvang
  • meewerken in jeugdvakantiekampen
  • helpen bij een kinderopvang
  • koffie schenken/mensen de weg wijzen in een ziekenhuis 

In veel gevallen draagt de maatschappelijke stage ook bij aan loopbaanoriëntatie van de leerlingen.